Een koppige trektocht door de Franse Jura

Met je gezin negen dagen door de Franse Jura, dan denkt een modern mens anno 2018 toch snel aan een spacecar als vervoermiddel. Of aan een 4-wheel drive. Zo niet ik (en, natuurlijk het hele gezin), op mijn (onze) speurtocht naar de uitersten van een familievakantie. Wij kozen voor twee ezels. Het maakte mij tot held van de kids en tot speelbal van de koppige viervoeters.

Regel één: “De ezel zal u uit gaan proberen; laat hem geen gras eten langs de kant van de weg, anders wordt het een lange tocht…” Regel twee: “Alle ezels vertonen het gedrag van een bijdehand 5- of 6-jarig kind. Net als bij een kind is het belangrijk dat u vriendelijk maar duidelijk en consequent bent. Als hij vanaf het begin weet dat u de baas bent, dan kunt op een goede samenwerking rekenen.”

Ziehier, kort samengevat, de belangrijkste twee regels voor de omgang met onze nieuwe vakantiekameraden tijdens de 9-daagse ezeltrektocht door de Jura. In ons geval twee viervoeters die luisterden naar de namen ‘Hector’ en ‘Gredin’.

Voor de kinderen (5 en 7) is het meteen liefde op het eerste gezicht, maar voor de pappa en de mamma, in het dagelijks leven niet gewend om te gaan met dieren, is de zorg voor de ‘6-jarige beesten’ wel even wennen. De ezeltjestrektocht in de beeldschone Franse Jura, met ongerepte natuur, uitgestrekte naaldwouden en gezellige boerendorpjes, is in alle opzichten bijzonder. Oh, hoe anders dan onze fiets tochten door Nederland.

De tipi als basis

Beslist geen standaardvakantie van dertien in een dozijn. Allereerst verblijf je met de kinderen de eerste vier nachten in een zogenaamde ‘tipi’, een grote, spierwitte, indiaanse wigwam met een doorsnede van zes meter. Om aan de ezels en de omgeving te wennen, maak je vanuit de tipi uitgezette rondwandelingen, die in lengte variëren van elf tot veertien kilometer.

Op een paar honderd meter van de ‘ezelboerderij’ Refuge de Berbois in La Pesse heeft boer Jean-Yves in een van zijn weilanden bovenop een berg de twee wigwams neergezet. De tipi’s staan heel slim op een houten ondergrond op palen, zodat je geen last hebt van eventuele wateroverlast of ongedierte (de eerste dag ging tijdens onze afwezigheid een stel wilde zwijnen met onze afvalzak, die ik per abuis op de grond had gezet, aan de haal).

Met de tipi sta je eigenlijk op een van de mooiste plekjes van de Jura, op zo’n 1300 meter hoogte. Het verblijf is supersimpel: geen stromend water, geen elektriciteit, één gaspit en, even verderop in het bos, een houten ‘poepdoos’, die wordt ‘doorgespoeld’ met zaagsel. Voor iedereen was de toiletgang in het begin een waar avontuur.  Toch wel wat anders dan ons bezoek aan het Franse Zuiden in het meditarrane Montpellier.

Er staan twee tipi’s en samen met een ander gezin deel je de keukenuitrusting. Het ene gaspitje leent zich eigenlijk alleen voor éénpansgerechten, vandaar dat we ook een keer uit eten gingen in La Pesse en natuurlijk een keer een échte BBQ maakten van hout uit het bos.

Ezelinstructie

De ezeltjes, die je na aankomst ophaalt bij de ezelboerderij, grazen meteen al vanaf het begin in het weiland bij de wigwams. Je krijgt de ezels pas mee na een uitgebreide ‘ezelinstructie’ en die begint eigenlijk al thuis, want bij je reisbescheiden ontvang je een formulier met daarop onder meer naast de hierboven geciteerde regels ook:

“Wat te doen als hij met zijn poten over de grond gaat schrapen? Let dan goed op, trek meteen zijn kop omhoog! De ezel wil gaan rollen, als u te laat bent, zijn uw tomaten in puree veranderd.” En kinderen opgelet: een insect (vlieg, horzel) vindt hij lastig en hij kan ernaar trappen met zijn poten. Dit gedrag zagen we ook aan de oevers van de Ijssel toen we er fietsten toen eindelijk de vorst uit het land was.

Op ezelboerderij Ferme du Berbois doet instructrice Ellie het allemaal nog eens dunnetjes over. En dat is niet voor niets, want je krijgt, zoals wij volstrekte leken, toch acht dagen de verantwoordelijkheid over zo’n gehoefde viervoeter. De ezels zijn zo’n beetje allemaal kindervrienden, want ze doen het hele lente/zomerseizoen niets anders dan met kids op hun rug over de smalle bergpaadjes van de Jura sjokken. Maar vergis je niet: er komt toch heel wat bij kijken om de ezels iedere dag op gang te krijgen en aan de praat te houden.

Bijvoorbeeld: twee keer per dag de hoeven schoonkrabben (met kiezeltjes onder de zolen kan de ezel kreupel gaan lopen). Tweemaal daags voeren, borstelen en water geven. Daarna komt het opzadelen vóór vertrek en afzadelen na aankomst. Dat is overigens nog het minste werk, want Jean-Yves heeft alle teugels en riemen (met naamlabel van de ezel) pasklaar gemaakt.

Papa is de ezel

Iets oudere kinderen, of kids die gewend zijn met hoefdieren om te gaan, zullen deze verzorging zelf op zich nemen, maar in ons geval was het pappa die de ezels tweemaal daags verzorgde. Na vier dagen in de tipi, begint de daadwerkelijke trektocht en wandel je met de kinderen van ‘gite’ (boerderij met slaapgelegenheid) naar ‘gite’. De ezels hebben natuurlijk een gigantisch voordeel: ze dragen de bagage (maximaal 30 kilo per dier, je krijgt twee waterdichte zadeltassen mee) en als de kinderen moe worden, mogen ze op de rug plaatsnemen.

Meteen de eerste dag werd ons al duidelijk dat van het spreekwoord ‘Zo koppig als een ezel’ geen woord gelogen is. De ezel probeert je voortdurend uit. Sappige graspollen, groene blaadjes, knapperige distels, fruitige bloemen: als je niet consequent en daadkrachtig optreedt, krijgt je wandeling meer weg van een middagje grazen.

Het kind ontmoet het kind

Gredin en Hector probeerden ons voortdurend uit. Soms word je daar een beetje moe van, maar er zit ook een onverwacht leuke kant aan: de kids (5 en 7 dus) mogen plotseling een soort ‘ouderrol’ vervullen door kordaat op te treden tegen de ‘lastige kleintjes’ ( “Grédin!!! Dóórlopen zeg ik toch!!! “). Het kind ontmoet het kind.

De brochure van Wandelvakanties vermeldt optimistisch dat de wandelingen geschikt zijn voor kinderen in de leeftijd van zes tot en met elf jaar. Voor wandelgrage pappa’s en mamma’s is het allemaal top, maar onze kids brachten toch gemiddeld veertig procent van de tijd op de rug van Hector of Gredin door. Gewoon omdat het parcours hier en daar te zwaar voor ze was.

Denk niet dat dit betekent dat ze het niet leuk vonden! Óp of ván de rug van de ezel: ze vonden het één grote ontdekkingsreis samen met pappa en mamma. Wat denk je bijvoorbeeld van een bergtop (de Crêt de Chalam, 1515 meter) bedwingen samen met je ouders en grotendeels op de rug van een ezel? Of over paadjes lopen waar aan weerszijden de oogverblindend mooie bloemen een kop groter zijn dan jij?

De overweldigende flora en fauna van de Jura levert in feite negen dagen lang één groot speelparadijs. De kinderen plukken volop overrijpe frambozen en bosaardbeien. Ze stellen de mooiste veldboeketten samen, spelen spelletjes met takken, stenen of zomaar met elkaar. Een bijzondere en pure vakantie. In de winter moet her hier ook schitterend zijn en ik neem aan dat je hier net zo goed kunt skien als in het hoge noorden. 

Heerlijke streekgerechten

En na een dag wandelen (meestal vier tot vijf uur looptijd, tel de pauzes daarbij op en je bent al gauw een dag onderweg), word je in de gites onthaald op de meest heerlijke streekgerechten. Op deze meestal prachtig gelegen gites zijn weer veel (jonge) boerderijdieren te vinden. De boerenfamilies zelf doen hun best je de lekkerste dingen voor te zetten. En dan is het na vijftien kilometer goed bunkeren.

In de gites, waar het verblijf eenvoudig is, verblijven meestal ook andere families, waardoor de kinderen telkens ook weer contact maken met leeftijdgenoten. Terwijl de wandelaars tafelen, grazen de ezels in een weiland. De boeren leveren ook weer fris drinkwater voor de volgende dag en, tegen betaling, maken ze een picknickpakket voor onderweg.

Tip tot slot: bouw ten minste één rustdag in, zodat kids, ouders, en ook de ezels even op adem kunnen komen.